Verander van één snoer naar twee snoeren per laag

door Chris Gandee

1. Start bij het inlogscherm. Dit is het enige scherm waar u toegang heeft tot de "Instructor Mode".

2. Steek de instructeurssleutel in het contact aan de rechterzijde van het bedieningspaneel en draai deze om. Dit zorgt ervoor dat u automatisch in de Instructor Mode terecht komt.

3. Gebruik de joystick om de "Tolerances" te markeren aan de rechter bovenzijde van het Instructor Mode scherm en druk op de rode "Select" knop om toegang tot de toleranties te krijgen.

4. Kies "Tolerance Setup" onder "Tolerances". Gebruik de joystick om door het menu te wandelen van de verschillende tolerantie-instellingen. Als u nooit eerder een tolerantiebestand heeft gemaakt, volg dan alle onderstaande stappen. Als u al eerder een tolerantiebestand heeft gemaakt, ga dan door naar stap #7.

OPMERKING: De gebruiker kan geen wijzigingen aanbrengen in het Default settings bestand.

   Maak een tolerantie bestand

Creëer een aanpasbaar tolerantie betand.

5. Druk op de gele "Edit" knop. Gebruik de joystick om "Create New" te markeren en druk daarna op de rode "Select" knop. Dit zorgt ervoor dat het tolerantie bestand direct naar het inlogscherm wordt gebracht om het nieuwe bestand van een naam te voorzien.

   First Pass
6. Gebruik de joystick en de rode "Select" knop om het bestand een naam te geven.

7. Als het nieuwe tolerantiebestand is gecreëerd dan moet u het selecteren voordat veranderingen kunnen worden aangebracht. Gebruik de joystick om het nieuwe bestand te selecteren en druk op de rode "Select" knop. Bovenaan in het midden op de "Instructors Mode" pagina bevindt zich de huidige tolerantie-instelling. Wees er zeker van dat de gewenste tolerantie daar staat ingestelt.  Druk op de groene "Customize" knop.

8. Druk op de groene "Customize" knop.

9. Selecteer de gewenste las om de tolerantie in te stellen en druk op de rode "Select" knop.

Selecteer het gewenste proces en druk op de groene "Customize" knop.  Dit brengt u naar het "Tolerance Adjustment" (instellingen tolerantie) scherm.

Gebruik de witte pijlen om te navigeren door de aanwezige tolerantie-instellingen. Ga naar het scherm met "CTWD/Arc Length" bovenaan op de tolerantieblokken en gebruik de joystick om de tolerantie-instelling te markeren die u wilt veranderen.

12. Om een verandering te kunnen maken aan een ingestelde tolerantie, markeert u de gewenste tolerantie door middel van de joystick te gebruiken en drukt u op de rode "Select" knop. Hiermee stelt u de tolerantie in in het aanpassingsblok in de rechterzijde van het scherm. Gebruik de joystick om de nodige aanpassingen te maken.

Bijvoorbeeld, als u de doelstellingstolerantie van 1G FCAW-G wilt veranderen, selecteer de tolerantie en druk op de rode "Select" knop. Gebruik dan de joystick om de 1ste laag doeltolerantie op de Y-as te veranderen van 0.00 naar -0.15.

   Tweede laag
 

Gebruik de blauwe "Next Pass" knop om de tweede laag te selecteren. Gebruik dan de joystick om X-as te veranderen van 0.19 naar 0.00. Gebruik dan de joystick om Y-as te veranderen van 0.00 naar 0.15. Hierdoor worden beide snoeren op de zelfde plaat gelegd maar aan de andere kant van de las.

13. Zodra de veranderingen zijn aangebracht drukt u op de groene "Set Tolerance" knop. Hierdoor worden de wijzigingen opgeslagen.

14. Druk op de oranje "Back" knop totdat u terug bent in het inlogscherm. Het programma slaat automatisch het aangepast tolerantiebestand op.  

OPMERKING: De veranderingen zijn alleen beschikbaar in de aangepaste bestanden, niet in het “Defaults” (basis) bestand.

 

Maak een tolerantie bestand